Menu bar

Showing posts with label Food. Show all posts
Showing posts with label Food. Show all posts

Thursday, January 3, 2013

Weet wat je eet


Ik heb al vaker geschreven over eten en Amerikanen. Op de een of andere manier interesseert het me. Waarschijnlijk omdat het hier zo ontzettend anders gaat dan in Nederland. De bedrijven lijken hier meer op geld gefocust (goedkoopste prijs, winstbejag van bedrijven) dan in zorg voor de consument. Of dat verkeerd is laat ik aan jullie zelf over, ik wil er gewoon over schrijven.

Een van de grote verschillen betreft de keurmerken die op producten staan. In Nederland zie je steeds meer keurmerken op producten, zoals ECO, Ik Kies Bewust en een vegetarisch keurmerk. Allemaal bedoeld om de consument te informeren dat het product voldoet aan bepaalde (gezondheids)normen. Hier gaat een strenge keuring aan vooraf, maar bedrijven hebben het er graag voor over. De consument vraagt er naar en heeft er een hogere prijs voor over. Het wordt als een toegevoegde waarde gezien.

Over Amerikaanse keurmerken kan ik kort zijn. Die zijn er niet. Erger nog, food labeling vind vrijwel niet plaats in Amerika, het gevolg van een succesvolle lobby van de grote industriële bedrijven. De enige verplichting is het aangeven van bepaalde voedingswaarden op een product, zoals calorieën en het vetgehalte. Verder moet iedereen zelf maar uitvogelen wat ze kopen.

Een ander groot verschil is het gebruik van genetisch gemodificeerd (GG) voedsel. In Europa is het nog niet toegestaan om dit te verbouwen. Je zal ook vrijwel geen GG producten in de schappen zien. Vooral de onzekerheid over de lange termijn effecten op de gezondheid is een reden hiervoor. Het schijnt dat er wel GG margarine verkrijgbaar is, maar dit moet met een label op het product worden vermeld. GG voedsel in Amerika is echter een heel ander verhaal. Hier is het een enorme groeimarkt. En niet alleen in soja en maïs (zie ook Food Inc) maar op grote schaal worden GG gewassen geteeld. Tomaten, aardappelen en binnenkort zelfs zalm. En de verkoop ervan gaat prima. Niet in de minste plaats omdat de consument er niets van doorheeft. Op een label staan immers alleen de calorieën en het vetgehalte. De bedrijven zijn van mening dat het melden van het gebruik van GG voedsel de consument alleen maar onnodig ongerust zou maken.

Amerikanen lijken daarmee uit te gaan van het principe dat iets goed is tot het tegendeel is bewezen. Nederlanders en Europeanen zitten meer op de lijn dat voorkomen beter is dan genezen. Kies zelf maar wat je het lekkerst vindt.




Wednesday, December 12, 2012

Niets Organisch

Organisch voedsel is bezig aan een grote opmars. Eerst behoorde het eten van onbespoten groenten en zelfverbouwde gewassen nog toe aan de hippies en de geitewollen sokken generatie, maar mensen kiezen steeds bewuster voor etenswaren met minder negatieve effecten op de leefbaarheid van de wereld. En dat alles is een goede zaak.
 
Ook grote bedrijven zoals Pepsico en Cargill hebben dit ontdekt. Want waar een grote vraag is, willen dit soort bedrijven het aanbod leveren. En de organische markt is helemaal interessant, want de producten worden tegen een hogere prijs verkocht dan niet-organische producten. Vaak omdat de productiekosten een stuk hoger zijn dan bij massaproductie waar zaken als pesticide worden gebruikt. Maar dat deert grote bedrijven niet, die zien een hogere prijs en dus een hogere marge => winst => bonus. Ze hoeven alleen maar iets te bedenken dat ze wel de lusten geeft en niet de lasten.
 
In Amerika hebben de grote bedrijven als voornoemd inmiddels het grootste deel van de markt voor organisch voedsel in handen. Is dat een slecht iets? Niet noodzakelijk. Voorstanders zeggen dat alleen dit soort bedrijven het aankunnen om de steeds groter wordende vraag te bedienen. Tegenstanders zeggen dat het deze bedrijven voornamelijk om financieel gewin gaat in plaats van hart voor de organische zaak te hebben.
 
Een klein voorbeeld. Er bestaat een lijst met niet-organische producten die mogen worden toegevoegd aan het organische productieproces, dat zijn synthetische producten zoals zuiveringszout, waarmee brood wordt gemaakt. Deze lijst wordt beheerd door een nationaal bestuur. De bestuursleden hiervan komen in toenemende mate van de grote bedrijven, zoals Whole Foods en General Mills. En door de jaren heen zijn er ook steeds meer ingredienten op deze nationale lijst gekomen die niet organisch zijn. Waar in 2002 nog 77 producten op de lijst staan, is het aantal in 2012 gestegen naar 250. Opnieuw zijn er voorstanders en tegenstanders. De een zegt dat het aanbod van organische producten is uitgebreid, waardoor de lijst met noodzakelijke synthetische ingredienten moest worden uitgebreid. De ander zegt dat de standaarden van het nationaal bestuur niet meer objectief zijn en het belang van de grote bedrijven dienen. Zo werd recent voorgesteld om een verdelgingsmiddel aan de lijst toe te voegen. Het voorstel heeft het niet gehaald, maar de grenzen van het organisch toelaatbare worden wel degelijk verkend.
 
Ook de markt van organisch voedsel zou iets volledig natuurlijks moeten zijn. Het zou vanzelf moeten gaan. Maar de huidige ontwikkeling hiervan stelt ons voor een niet-natuurlijk dilemma. Grote bedrijven kunnen een wereldhit maken van organische producten. Maar hoeveel wil je inleveren op het label ‘organisch’ om dat te bereiken?
 
 
 
 


Tuesday, November 27, 2012

Soda ban


Noot van de redacteur: door alle recente ontwikkelingen (repatriatie, stormpje, kleintje) heb ik al lang geen berichten meer geplaatst. Geen idee hoe het er in de toekomst uit zal zien, maar gelukkig weten vrij weinig mensen dat maar. Ik heb nog een voorraadje berichten die ik de komende tijd zal proberen te posten, maar die kunnen dan enigzins gedateerd zijn. Excuus!


Amerika heeft niet zo’n goede naam op het gebied van eten en drinken. Het is vooral bekend van popcorn, hamburgers, coca cola en de vele fast food ketens. Het probleem van overgewicht is hier vele malen groter dan in Europa. Amerikanen vinden dit overigens minder een probleem dan Nederlanders. Dit ligt aan het cultuurverschil.
 
De kernwaarde van Amerikanen is vrijheid. 'Liberty' staat op alle muntjes te lezen. Iedereen is vrij om te gaan en te staan waar hij wil. En iedereen is dus ook vrij om te eten wat hij wil. Iedereen is gelijk, pardon iedere Amerikaan is gelijk, en iedereen krijgt de kans om wat van zijn leven te maken. Er wordt niet zo snel een oordeel geveld over iemand anders. Dus ook niet over het gewicht van iemand anders. Nederlanders hebben een meer Calvinistische houding, die zoiets zegt als 'je moet je zus en zo gedragen, want/ anders...'. Het is meer met het vingertje wijzen. Door de eeuwen heen is er bij Nederlanders een veel sterker besef van 'hoe iets zou moeten', en de bijkomende drang om elkaar dat te vertellen. Historisch gezien is dit voor beide landen eenvoudig te verklaren.
 
Toch zijn er in Amerika een paar voorvechters voor de nationale gezondheid. De burgemeester van New York, Bloomberg, is er een van. Hij is al een poos bezig met het uitbannen van roken in de stad. Het is verboden in alle publieke ruimtes, hij schroomt niet om een extra heffing van $5,- per pakje te introduceren en vorig jaar werd het ook verboden in alle parken. Maar laatst had hij weer een nieuw idee. Hij wil de verkoop van grote frisdranken in restaurants, theaters, stadions en straatstalletjes gaan verbieden. Wat is dan groot? Alle maten groter dan een halve liter moeten worden verboden. Overal in de stad.
 
De commotie is enorm. Verontwaardigde Amerikanen (je komt aan hun vrijheid), verontwaardigde bedrijven (je komt aan hun winst, zie ook "Supersize Me") en verontwaardigde dikkerds, want plotseling worden ze het verdomhoekje gezet. Nou ja, verdomhoek. 
 
De discussie vind ook op een gevoelig moment plaats. Over een paar maanden zijn er presidentsverkiezingen, en een belangrijke inzet is het gezondheidsplan van Obama. Alle Republikeinen vinden het verschrikkelijk, zij vinden vrijwel elke verplichting of aansturing door de overheid uit den boze. Maar de kosten van gezondheidszorg rijzen de pan uit, deels door ziektes als obesitas en diabetes.
 
Mensen reageren op alle mogelijke manieren. De een koopt gewoon drie halve liters, de ander verhuist naar een andere staat, weer een ander is blij voor het verbeterde vooruitzicht voor haar kinderen. En Bloomberg zelf? Die zegt dat het zijn rol is als burgemeester om dit soort beslissingen te nemen. Hij is onafhankelijk (als miljardair heeft de lobby bij hem geen kans) en heeft het beste voor met de gezondheid van zijn burgers. Vrijwillig of niet.
 
Hij lijkt wel een Nederlander.

 
 

Tuesday, September 4, 2012

Lunch habits


Elk land heeft zijn eigen eetgewoonten, het vertelt al veel over de cultuur van een land. Ik heb me lang verbaasd over de lunchmentaliteit in Amerika, maar dit werkt echter twee kanten op.
 
Bij de meeste Nederlandse bedrijven heb je een personeelsrestaurant. Tegen vriendelijke prijzen kan je een gevarieerde lunch samenstellen. Een soepje, verschillende soorten boterhammen en broodjes, plakjes beleg en natuurlijk alle soorten hagelslag. Ook zijn er vaak salades, daghappen en het onvermijdelijke snackje. Vrijdags traditioneel het visje.
 
Ik stel me voor dat de meeste Nederlanders een paar boterhammen eten, en nog een side dish. Vaak het snackje natuurlijk. Eén keer per week compleet wat anders, dat breekt zo lekker de week. Om het geheel weg te spoelen wordt vooral melk gedronken. De melk werd overigens vroeger wel eens gesubsidieerd door het bedrijf. Daar heeft de belastingdienst een stokje voor gestoken. Ook heel Hollands.
 
Hoe anders was het toen ik in Amerika ging lunchen. Ik werk op een luchthaven, en allereerst was er geen personeelsrestaurant. De medewerkers van de luchthaven aten op dezelfde plekken als de passagiers. De McDonald’s kon je eigenlijk zien als personeelsrestaurant, omdat verreweg de meeste medewerkers hier hun dagelijkse lunch bestelden. Maar ook de pizzaslices waren populair. Het waren de goedkoopste opties.
 
Ik nam toch liever een broodje. Toen ik een broodje had uitgezocht bij een deli, viel het me op dat het broodje vrij dik was. Dit bleek niet door het brood te komen, maar door de halve kilo vlees die er was tussengepropt. Ik gok dat het 15 plakjes salami, turkey breast en kaas waren. Heerlijk gevarieerd.
 
Daarnaast kopen Amerikanen vaak een zakje chips en/of een cookie bij hun lunch, zeg maar als dessert. Of waren het de groenten misschien? Ik liet het allemaal maar een beetje over me heenkomen, en vroeg of ik er een glas melk bij kon krijgen. Dat hadden ze helaas niet, er was cola, 7-up en sinas. Natuurlijk allemaal ook in light verkrijgbaar.
 
Maar het is maar van welke kant je het bekijkt. Laatst was mijn Amerikaanse collega in Nederland, en we gingen lunchen in het personeelsrestaurant. Hij keek wat vreemd naar de kroket, maar hij liet zich door mij overhalen om hem te proberen. Hij vond het verder maar raar dat de plakjes salami per stuk waren verpakt, dat was toch behoorlijke milieuvervuiling. Als drank zocht hij naar een colaatje, maar ik kwam er tot mijn verbazing achter dat dit niet in het personeelsrestaurant was te krijgen. Iedereen nam blijkbaar melk of water. Of jus d’orange en optimel als we luxe wilden doen.
 
Bij de kassa viel het kwartje definitief. Of juist niet. In heel gebrekkig Engels zei de kassajuf dat ze zijn euro’s niet kon aannemen. In het restaurant kon je alleen met chip betalen.
 

Wednesday, April 25, 2012

Supersize me: the movies

Een kaartje voor de bioscoop is in Amerika niet zo duur. Voor een tientje ben je al binnen. En dan maakt het ze niet eens zoveel uit hoeveel films je achter elkaar kijkt.


De opzet is namelijk als volgt. Je levert je kaartje in bij de roltrap omhoog. Daarna kom je in een centrale ruimte waar je eten en drinken kunt bestellen. De bioscoopzalen liggen hieromheen verspreid. Dan kan je zo de zaal van je keuze binnenlopen. En als je na de film nog niet bent uitgekeken, loop je toch gewoon een andere zaal binnen?

Je zou denken dat het management van de bioscoop hier wel een stokje voor zou steken. Maar dat doen ze niet. Hier is waarom. Het geld wordt niet verdiend op de kaartjes, maar op het eten en drinken. En alles gaat in Amerikaanse maten. Een kleine cola en een kleine popcorn kosten allebei 6 dollar. En dan heb je een halve liter zoetigheid en een beker gepofte mais. Voor 12 dollar is dat op zich best prijzig, maar nu komt de truc. Medium-sized kost 1 dollar meer. Maar dan verdubbelen wel je porties. Dan heb je een liter cola en een flinke bak popcorn. En super-sized? Juist, opnieuw 1 dollar meer, en opnieuw verdubbelen je porties. Zo zit iedereen voor 16 dollar met 2 liter cola en een lampenkap vol met popcorn naar een film te kijken. En om mensen helemaal over de streep te trekken hebben ze nog een laatste geintje bedacht: als je de grootste cola besteld, krijg je een gratis re-fill. Let wel, alleen bij de grootste!

Vind het je het dan gek als...

 

Wednesday, March 28, 2012

Food Inc

Gister een documentaire gezien die mijn mond wagenwijd liet openstaan. Van verbazing, niet om er eten in te stoppen. Daar heb ik plots niet zoveel zin meer in.

Food Inc geeft een kijkje achter de schermen van de Amerikaanse voedselindustrie. Ze laten zien dat de zaken er iets anders aan toegaan dan je waarschijnlijk zou verwachten. Daarom leek het me nuttig om dat eens samen te vatten. Het beste zou zijn om de documentaire zelf te gaan kijken, beelden zeggen vele malen meer dan woorden. Maar voor wie daar geen tijd of zin in heeft:

Ik zal beginnen bij het begin. Maïs en soja zijn verreweg de belangrijkste grondstoffen in de voedselketen.Van alle gewassen in de VS nemen zij 70% van de productiewaarde voor hun rekening. Maïs wordt in heel veel producten verwerkt, van ketchup tot frisdrank. Maar ook in vitaminen en brandstof. Van soja wordt vooral olie gemaakt, maar ook biodiesel. Meer dan de helft van beide producten wordt echter gebruikt als veevoer. Van soja lijkt dit zelfs zo’n 85% te zijn. Dit komt doordat ze zo belachelijk goedkoop zijn en veel proteïnen bevatten. Hierdoor bereikt het vee sneller hun slachtformaat. Of dat gezond is, is een tweede.

Over soja wordt verder verteld dat er één bedrijf is in de VS (Monsanto) die deze markt vrijwel helemaal in handen heeft. Door een patent op een genetisch gemanipuleerde sojaboon dwingen ze iedere boer deze boon te verbouwen, met een verbod op het behoud van eigen sojazaad. Kleine zelfstandige boeren worden weggedrukt met behulp van rechtzaken volgens het Goliath concept. Het gevolg: er is geen marktwerking en er is geen organische sojaboon in de VS.

Oja, feitje tussendoor, sojabonen zijn ook de voornaamste reden waarom het Amazonegebied wordt ontbost. Om dus bonen te maken voor veevoer. Zodat wij meer goedkoper vlees kunnen eten.

Dan de veemarkt. Ook hier is weinig marktwerking, de grootste vier bedrijven hebben 80% van de markt in handen. Conglomeraten als Tyson, Cargill en Swift doen het slim, ze verstrekken hoge leningen aan boeren om grote productiefaciliteiten te bouwen. Hiermee leggen ze de boeren hun productiewil op en zijn ze verzekerd van de juiste kwaliteit. Zo smaakt je hamburger overal hetzelfde. Ook al is die genetisch gemodificeerd.

Nog een feitje. 70% van alle antibiotica in de VS wordt aan dieren gegeven. Uit voorzorg, zodat de productie lekker efficient kan doordraaien.

Heb je trouwens ooit van Cafo’s gehoord? Da’s een moderne Amerikaanse boerderij, oftewel Concentrated Animal Feeding Operation. Voor de aardigheid een plaatje toegevoegd onderaan deze tekst. Dat zegt denk ik genoeg.

De vleesverwerkende industrie is op dezelfde manier efficient georganiseerd. Natuurlijk staat dit altijd op gespannen voet met dierenrechten, maar daar gaar dit niet over. Wat wel noemenswaardig is dat bedrijven zoals BPI (een hamburgervuller die 70% marktaandeel heeft) een techniek hebben gevonden om afvalvlees toch voor menselijke consumptie te kunnen verkopen. Normaliter zit dit spul vol met dodelijke rommel zoals BSE en de bacterie die E.coli wordt genoemd, maar door het grondig te wassen met ammoniak, krijgen ze het voor elkaar om deze bacterien te verwijderen. Je vlees wordt vervolgens met zo’n 5% van dit goedje bijgevuld.

De bedrijven kan je eigenlijk niet eens zoveel kwalijk nemen. Het is het systeem dat verrot is. De politiek en de voedselindustrie werken nauwgezet samen om de concurrentiekracht van deze bedrijven te vergroten. Dit gebeurt door subsidies, minder regulering, minder voedselinspecties en andere vriendjespolitiek. De industrie hoeft niet eens te vermelden op producten dat ze genetisch gemodificeerd zijn! Het lijkt alsof de belangen van bedrijven (en daarmee de VS, en daarmee alle Amerikanen) belangrijker zijn dan het belang van de Amerikanen zelf. En dat is vreemd, want deze twee zouden toch precies hetzelfde moeten zijn. Er is echter één groot verschil. Heel veel geld.

Je zou verwachten dat in deze democratische wereld er vast mensen met verstand zijn die bepaalde richtlijnen hebben vastgesteld die goed zijn voor ons. Maar denk je werkelijk dat de overheid hier volledig onafhankelijk is? De documentaire laat een aantal aardige voorbeelden zien, maar ik zal volstaan met de opmerking dat lobbyisme in de VS een serieuze beroepsgroep waar jaarlijks 30 miljard dollar in omgaat. Daarbij is het ontbreken van concurrentie in deze industrie zowel een slecht signaal als ook een slecht voorteken. Ik zeg het je, dit zaakje stinkt.

Gevolgen voor de mens in de vorm van suikerziekte, obesitas en massale besmettingen zijn een lange termijn effect. Op de korte termijn zie je vooral veel dikke mensen die goedkoop bij de Walmart shoppen. Maar het huishoudgeld dat minder wordt besteed aan eten wordt daarna ruimschoots uitgegeven aan een tweede orde effect van dat gedrag. Ik doel hier voornamelijk op gezondheidszorg en gerelateerde producten, maar ook juridische bijstand of zelfs financiele producten zoals levensverzekeringen of leningen om de uitgeefdrang tegen te gaan.

Het begint natuurlijk allemaal bij de consument zelf. Bij mij. Bij jou. Vergeet dat nooit. We zijn het zelf gestart door massaal bij de McDonald’s te gaan eten, door altijd te gaan voor het meeste van het goedkoopste. Door standaardisering te willen in ons dagelijks voedsel. De industrie speelt daar vervolgens handig op in en weet door aanpassingen in de waardeketen de efficientie te vergroten en nóg meer voor nóg goedkoper aan te bieden. Allemaal in het belang van de consument.

Maar diezelfde consument kan aan de andere kant ook de doodsteek van deze beweging zijn. Door simpelweg andere keuzes te maken, en de goedkoopste oplossing links te laten liggen. Door organisch voedsel te eten, en op een gezonde en bewuste manier te leven.

Eet smakelijk!